Troyes is een van de minst bezochte grote middeleeuwse steden van Frankrijk. Dat klinkt als een tekortkoming, maar voor wie de drukte van Épernay en Reims wil ontlopen en toch midden in de Champagnestreek wil zitten, is het precies de reden om er naartoe te gaan. De stad ligt in het departement Aube, zo'n 150 kilometer ten zuidoosten van Parijs, en vormt een logisch maar zelden gebruikt vertrekpunt voor een wijnreis door de zuidelijke Champagne. Op een zonnige ochtend in oktober, toen de smalle straatjes nog bijna leeg waren en de lucht rook naar vers brood en natte keien, begreep ik waarom Troyes verdient dat meer wijnliefhebbers er de weg naartoe vinden.
Troyes als stad: vakwerkhuizen en een andere schaal
De binnenstad van Troyes heeft een ongewone concentratie aan goed bewaard gebleven vakwerkhuizen uit de vijftiende en zestiende eeuw. De stadsvorm, die op een kurk lijkt wanneer je haar van bovenaf bekijkt, is geen toeristische fantasie maar een historisch gegroeide bouwkundige structuur die dateert uit de tijd dat Troyes een van de belangrijkste handelssteden van Europa was. De Champagnebeurzen van de twaalfde en dertiende eeuw trokken kooplieden aan uit heel het continent, en de stad groeide in hoog tempo.
Wat opvalt tijdens een wandeling door de Quartier Saint-Jean of langs de Ruelle des Chats, een van de smalste steegjes van Frankrijk, is hoe menselijk de schaal is gebleven. Er zijn geen grote boulevards, geen massatoerisme, geen wachtrijen voor musea. De kathedraal Saint-Pierre-et-Saint-Paul herbergt meer dan 1800 vierkante meter aan glas-in-loodramen, een collectie die door kenners wordt vergeleken met die van Chartres. Maar de stad houdt die kwaliteit bescheiden. Een glas lokale wijn op een terras aan de Place du Marché, met zicht op de ongelijke gevels en de over het plein stekende balkonnetjes, heeft iets van een ontdekking die je liever voor jezelf houdt.
Eten in Troyes: andouillette en meer
Troyes heeft een culinaire eigenheid die de stad extra de moeite waard maakt voor wie wijn en eten serieus neemt. De stad is de thuisbasis van de andouillette de Troyes, een grove worst op basis van varkensdarm die zijn reputatie als aanstootgevend tegelijkertijd verdient en mist. Je moet hem willen, maar als je hem wilt, vind je hier de beste versies van het land. Restaurants als Le Valentino en Brasserie du Vieux Marché serveren klassieke bereidingen die goed samengaan met een glas Rosé des Riceys, de zeldzame stille rosé die in de buurt van Troyes wordt gemaakt en officieel de AOC Rosé des Riceys draagt.
Voeg daarbij de lokale chaource, een romige koemelkkaas met AOC-status die zijn naam ontleent aan een dorp op dertig kilometer afstand, en je hebt de basis voor een tafel die moeilijk te verbeteren valt. De combinatie van andouillette, chaource en een koele fles Aubechampagne of Rosé des Riceys is een van de simpelste en meest overtuigende wijnspijscombinaties die de Champagnestreek te bieden heeft. Voor wie meer wil lezen over wijn en eten combineren, biedt onze gids over wijn en spijscombinaties een nuttig kader.
De Aube als wijnstreek: champagne buiten de gebaande paden
De Aube is de zuidelijkste deelstreek van de Champagneappellatie en wordt in promotionele teksten van het Comité Champagne (CIVC) doorgaans omschreven als het "vergeten zuiden". Dat is eerlijk. De grote huizen in Épernay gebruiken de druiven uit de Aube al ruim een eeuw om hun assemblages te completeren, maar de streek zelf werd decennialang amper op de kaart gezet. Dat verandert, langzaam maar merkbaar.
De Aube heeft ongeveer 7.600 hectare wijngaarden, goed voor bijna een kwart van de totale Champagneoppervlakte. De bodem bestaat grotendeels uit kimmeridgeklei, dezelfde aardlaag die ook onder de beroemde wijngaarden van Chablis ligt, zo'n tachtig kilometer naar het westen. Die bodem, rijk aan fossiele oesters uit de Jurassische periode, geeft de wijnen van de Aube een mineraliteit en een gedrongen textuur die afwijkt van de luchtigere stijlen uit de Marnevallei. De plantdichtheid ligt gemiddeld op 8.000 tot 10.000 stokken per hectare, de opbrengst is wettelijk gemaximeerd op 10.200 kilo per hectare voor de druiven bestemd voor champagne.
Het dominante druivenras in de Aube is pinot noir, goed voor ruim 85 procent van de beplanting. Dat is ook het geval bij de beroemde Côte des Bar, het belangrijkste subgebied van de Aube, gelegen op een halfuur rijden ten zuiden van Troyes. De 2018 oogst in de Aube was uitzonderlijk door de warme zomer: opbrengsten lagen circa 15 procent hoger dan het langjarig gemiddelde, wat leidde tot vollere, rijpere champagnes dan de streek doorgaans produceert. Wie een fles uit dat jaar tegenkomt bij een kleine producent, mag die gerust meenemen. Producenten als Cédric Bouchard, Vouette & Sorbée en de grotere naam Drappier in het dorp Urville laten zien wat mogelijk is als je de Aube serieus neemt. Drappier werkt al generaties lang met een hoog percentage pinot noir en produceert champagnes die voor de kwaliteit relatief voordelig geprijsd zijn, met flessen die beginnen rond de 25 euro bij de deur van het wijnhuis. Drappier in Urville is open voor bezoek van dinsdag tot zaterdag van 9:00 tot 12:00 en van 14:00 tot 17:00; reservering via hun website is aanbevolen in de herfstmaanden.
Cédric Bouchards Inflorescence, een blancdeblancs gemaakt van 100 procent chardonnay van een enkel perceel, ontving van wijnschrijver Jancis Robinson 17,5 op 20 in haar 2022 Champagnespecial. Robinson noemde daarbij expliciet de minerale precisie die zij typeert als kenmerkend voor de Côte des Barstijl. Dat is geen kleine prestatie voor een streek die lang in de schaduw stond van de Marne.
Côte des Bar: wat je er vindt en verwacht
Een bezoek aan de Côte des Bar verschilt wezenlijk van een bezoek aan de beroemde wijngaarden rond Épernay. De dorpen zijn kleiner, de wegen smaller, en de drukte ontbreekt vrijwel geheel. Op een grijze novemberochtend reed ik door het landschap ten zuiden van Troyes: zachte heuvels, kale wijngaarden, en af en toe een silo of een tankstation dat de stilte doorbreekt. Het is geen schilderachtig wijngebied in de klassieke zin. De schoonheid zit in de details: een oud karrespoor langs de rand van een wijngaard, de kimmeridgeklei die in de berm droog is opgestapeld, een houten bord bij een smalle oprit dat de naam van een kleine récoltantmanipulant aankondigt.
Bij Vouette & Sorbée, het biodynamische wijnhuis van Bertrand Gautherot in het dorp Buxières-sur-Arce, stond Gautherot ons zelf op te wachten in de kelder. Hij legde uit waarom hij in 2003 overstapte op biodynamische teelt: de kimmeridgeklei reageert volgens hem merkbaar op de afwezigheid van herbiciden, de wortels van de pinot noirranken gaan dieper en de wijnen winnen aan complexiteit. Of je dat meetbaar kunt maken, is een andere vraag. Maar in het glas, bij zijn Blanc d'Argile op basis van 100 procent chardonnay, was de textuur inderdaad opvallend: dik, kalkig, met een lange afdronk die lang na het proeven aanwezig bleef. Vouette & Sorbée werkt uitsluitend op afspraak; stuur een mail of bel vooraf, want zonder reservering is een bezoek vrijwel zeker voor niets.
De term récoltantmanipulant (RM) is op de Côte des Bar van belang. Het betekent dat de producent zelf zijn druiven teelt en zijn champagne maakt, in tegenstelling tot de grote huizen (négociants) die druiven inkopen. Die onafhankelijkheid is precies wat veel bezoekers hier zoeken. Prijzen zijn er eerlijk: een goede Aubechampagne van een kleinere producent kost tussen de 20 en 35 euro per fles.
Wil je de Champagnestreek als geheel beter begrijpen voordat je vertrekt, dan geeft onze uitgebreide gids over de Champagnestreek een solide basis. En voor wie nadenkt over waar je overnacht, verwijzen we naar ons artikel over logeren in de Champagne.
Praktisch: Troyes als uitvalsbasis
Troyes is vanuit Nederland goed bereikbaar. Met de auto rij je er in vier uur naartoe, grotendeels via de snelweg. De TGV brengt je vanuit Parijs-Est in 1 uur en 20 minuten naar Troyes. Het stadscentrum is compact en grotendeels autoluw; een scooter of fiets is handig voor daguitstapjes naar nabijgelegen dorpen in de Aube.
Een paar eerlijke kanttekeningen. Troyes is geen wijnstad in de manier waarop Beaune, Reims of Épernay dat zijn. Er zijn geen grote keldertouren, geen spectaculaire domeingebouwen, en de champagnehuizen in de stad zelf zijn schaars. De charme zit in de combinatie: architectuur, eten, cultuur, en de nabijheid van een wijnstreek die de moeite waard is maar weinig bezoekers trekt. Dat is tegelijkertijd de kracht en de beperking van Troyes als bestemming.
In de zomer, met name in juli en augustus, kan het centrum drukker zijn dan je op basis van de reputatie zou verwachten. De outletwinkelstraten aan de rand van de stad trekken dan veel bezoekers. Wie de stille Troyes wil ervaren, kiest beter voor mei, september of oktober. De wijngaarden kleuren in oktober diep rood en goud, en de oogst is dan afgelopen, wat ook wil zeggen dat wijnmakers weer tijd hebben voor bezoekers.
Wat je meeneemt uit de regio
Wie na een bezoek aan de Aube een fles champagne wil meenemen, doet er verstandig aan te kiezen voor een blancdeblancs of een blancdenoirs van een kleine producent op de Côte des Bar. De blancdenoirs, gemaakt van uitsluitend pinot noir, zijn er stevig en vol, met een aardse ondertoon die je niet snel vindt in de meer bekende cuvées van de grote huizen. Prijzen variëren sterk: reken op 22 tot 45 euro per fles voor kwaliteit die elders in de Champagne voor het dubbele wordt aangeboden.
Een fles Rosé des Riceys is een andere aanrader. Deze stille rosé heeft een eigen AOC, los van de champagneappellatie, en wordt in minieme hoeveelheden gemaakt van pinot noir. De kleur is diep kersrood, de geur complex en licht kruidig, de textuur onverwacht vol voor een rosé. De productie is klein, de beschikbaarheid buiten de streek beperkt. Dat is, eerlijk gezegd, ook een deel van de aantrekkingskracht.
- Beste reisperiode: mei, september en oktober voor rust en goed weer
- Reistijd vanuit Nederland: circa vier uur met de auto, 1,5 uur per TGV via Parijs
- Overnachten: het stadscentrum van Troyes heeft meerdere goede hotels in de middenklasse (80 tot 150 euro per nacht); chambres d'hôtes op de Côte des Bar zijn betaalbaarder en bieden meer sfeer
- Budget voor proeven: proeverijen bij kleine RM-producenten zijn vaak gratis of kosten 5 tot 10 euro; grote namen rekenen soms 15 tot 25 euro
- Openingstijden Drappier (Urville): di-za 9:00-12:00 en 14:00-17:00, reservering aanbevolen in september en oktober
- Openingstijden Vouette & Sorbée (Buxières-sur-Arce): uitsluitend op afspraak, vooraf reserveren via mail of telefoon
- Taal: Engels wordt in Troyes redelijk gesproken; op het platteland is Frans onmisbaar
- Let op: veel kleine wijnhuizen in de Aube zijn niet elke dag open; reserveer altijd van tevoren
Troyes vraagt geen grote verwachtingen en stelt ze dan ook niet teleur. Het is een stad die je beloont als je er de tijd voor neemt, die je laat zien dat de Champagnestreek groter en diverser is dan de meeste wijnliefhebbers denken, en die je na afloop met een fles in de tas en een onverwacht goede herinnering aan een




